Maak kennis met Wu Fei ✨ Premières op het Made in China Festival

terug naar alle stories
Gepubliceerd op 08/02/24
De Chinese Wu Fei beslecht graag grenzen. Van kleins af trainde ze op een traditionele Chinese zither om als jongvolwassene de sprong te maken naar de Verenigde Staten. Daar belandde ze aan de zijde van Fred Frith en John Zorn in de improvisatie-avantgarde, maar net zo goed waagde ze zich aan een mix van Chinese en Appalachische volksliederen met banjoïste Abigail Washburn.

Voor ‘Tides and Time’ op het Made in China festival werkt ze samen met Dijf Sanders, Simon Segers en Louise van den Heuvel aan een concert met een eeuwenoude poëtische kern.

Een interview door Stijn Buyst
 

Hoe belandt een kleuter bij zo’n massieve guzheng?

‘Dat hebben mijn moeder en mijn vader voor mij beslist. Ze waren een heel slim jong koppel, maar groeiden op tijdens de Culturele Revolutie, dus in hun beste jaren waren ze verstoken van elke mogelijkheid tot educatie.

Al die gemiste kansen projecteerden ze dus op mij. (lacht luid). Mijn vader was een getalenteerd muzikant die de driesnarige Chinese luit speelde. Een paar van zijn vrienden speelden bij staatsorkesten en hij vond het een goed idee dat ik later dat beroep zou gaan uitoefenen. Dus kwamen er op een dag twee van die mannen mij scouten. Ze testten niet alleen mijn gevoel voor toon, maar bestudeerden ook de structuur van mijn handen.

Toen de keuze op de guzheng was gevallen, bleek het probleem dat er al meer dan tien jaar geen instrumenten geproduceerd waren, vanwege de politieke chaos. Uiteindelijk hebben mijn ouders toch een aftands exemplaar voor me gevonden, in een hoekje van een instrumentenfabriek in Beijing.’

 

Heb je dat instrument nog?

‘Nee, maar ik heb wel een foto van toen ik zes was, met dat gigantische instrument.’

Er hangt een hele geschiedenis aan de guzheng.

‘Het is nog steeds heel populair in China. Qua bouw en klank is het wellicht de tegenhanger van de klassieke westerse harp, maar qua populariteit zit het dichter tegen de piano aan: in elk klassiek ensemble of orkestraal werk speelt het een hoofdrol.’

Ik zag in dat ik een sterk stel vleugels had, waarmee ik nog nooit had gevlogen. Het enige wat ik nog wilde, was die vleugels uittesten. Dat besef was ongelofelijk - holy shit, ik kan vliegen! En kijk hoe ver ik van hierboven kan zien!

Wu Fei

In 2000 trok je naar de Verenigde Staten om je muzikale studie verder te zetten?

‘Ja, eerst aan de University of North Texas in Denton, en later trok ik naar Mills College in Californië om mijn master te halen. De opleiding in Texas was vergelijkbaar met de klassieke opleiding aan het China Conservatory of Music, maar toch ging mijn wereld helemaal open. Op de universiteitscampus hoorde ik West-Afrikaanse drum- en dansensembles, elektronische muziek en Indische raga, van mensen uit de hele wereld.

In elk studentenhuis waren er minstens twee bands. Ik kwam uit het conservatorium-systeem, zoiets had ik in mijn hele leven nog niet gezien. Voor het eerst in twintig jaar besefte ik dat muziek ook fun kon zijn. (giechelend) Ik was ronduit gechoqueerd: plots besefte ik dat ik in het Chinese systeem getraind was als een muzieksoldaat, en mijn hele jeugd  had gespendeerd aan het uitvoeren van de verwachtingen van mijn ouders en mijn professoren.

Ik zag in dat ik een sterk stel vleugels had, waarmee ik nog nooit had gevlogen. Het enige wat ik nog wilde, was die vleugels uittesten. Dat besef was ongelofelijk – holy shit, ik kan vliegen! En kijk hoe ver ik van hierboven kan zien!’

Wat een prachtig cadeau om een heel nieuwe wereld aan te treffen waarin je je immense technische bagage kon gebruiken. 

‘Dat heb ik ook wel een beetje aan Fred Frith te danken, die me lesgaf aan Mills. Ik liet hem een opname horen die ik in China gemaakt had en hij zei: “Ik hoor mooi vakmanschap, maar ik hoor geen Fei.” Ik was geschokt: al die tijd was ik ‘het componerende Chinese wonderkind’ geweest en dat ene zinnetje van Fred maakte me wakker – als een donderslag.

Ik ben vervolgens een week niet naar school gegaan om het te laten bezinken en mijn leven te herbekijken. Ik heb toen letterlijk overwogen om iets buiten de muziek te gaan doen: boekhouden ofzo. Gelukkig heb ik het toch bij muziek gehouden.

Fred vertelde me dat ik me geen zorgen moest maken over structuren, dat ik de muziek gewoon door mijn aderen moest laten vloeien. Dat was een heel belangrijke les: er zijn geen grenzen aan hoe geïmproviseerde muziek zou moeten klinken. Het enige dat van tel is, is dat je jezelf helder en sterk uitdrukt en dat je goed naar de andere muzikanten luistert.

Dat proces heeft een paar weken, hoogstens een paar maanden geduurd. Sindsdien heb ik eigenlijk alleen maar plezier gehad aan muziek maken, terwijl dat in mijn kindertijd niet het geval was.’

Was die eerste keer improviseren niet heel beangstigend voor iemand die zich een leven lang aan partituren had gehouden?

‘Dat zal in de lessen improvisatie-ensemble aan Mills College geweest zijn, een omgeving die heel veilig aanvoelde. Ik herinner me dat we met een ensemble van zo’n vijftien mensen een heleboel herrie aan het maken waren - één grote klankenchaos.

Mijn natuurlijke reactie was om er een melodie – een slaapliedje uit mijn kindertijd – tegenaan te gooien. Iedereen begon meteen te glimlachen: we waren allemaal verloren gelopen in de muziek, en plots hadden we elkaar weer gevonden.’ 

We waren allemaal verloren gelopen in de muziek, en plots hadden we elkaar weer gevonden.

Wu Fei

Op dat kruispunt tussen puur experiment en melodie ontstaan vaak magische momenten. 

‘Ik ben dol op melodie! Toen ik vijftien was moesten we als oefening twaalftonige composities maken in de geest van Schönberg, Anton Webern en Paul Hindemith en dat werkte voor mij nooit. Die muziek was toen in de mode, maar ondertussen besef ik dat ik vaak een hekel heb aan wat in de mode is.

Bovendien: ik ben opgegroeid met Chinese volksmuziek en Chinese opera. Chinezen willen nu eenmaal zingen: kijk alleen al naar onze liefde voor karaoke. Mijn geheugen zit vol melodieën, die zijn het basismateriaal waarmee ik werk.’
 

Nu en dan pas je ook extended techniques toe, je prepareert je guzheng. 

‘Ja, maar nooit gratuit, het gebeurt gewoon in het moment. Soms til ik het instrument ook in de lucht en zing ik in het klankgat aan de onderkant, om al die prachtige boventonen goed te horen. Dat zijn heel helende geluiden: alle dokters zouden zo’n geluidsdoos moeten hebben om hun patiënten erin te stoppen.’
 

Ik zag een filmpje waarin je de guzheng een grote feedback-machine noemde. 

‘Ik hou ervan om buiten te spelen, dan jaagt de wind door het instrument, terwijl je insecten en vogels hoort. Misschien zou ik een windmachine op het podium moeten zetten in de Handelsbeurs…’
 

Ik hou ervan om buiten te spelen, dan jaagt de wind door het instrument, terwijl je insecten en vogels hoort. Misschien zou ik een windmachine op het podium moeten zetten in de Handelsbeurs…

Wu Fei

Ik heb al veel muzikanten geïnterviewd, maar ik heb nog niemand met zoveel liefde over zijn saxofoon, gitaar of synth horen spreken als jij nu doet. 

(lachend) ‘Dan hebben mijn professoren toch het juiste instrument voor mij gekozen. Daar mogen ze best trots op zijn.’

Wat mogen we verwachten van je creatie met Dijf Sanders, Simon Segers en Louise van den Heuvel?

‘Wim Wabbes (de programmator) heeft de muzikanten voor mij gekozen. Wim en ik kennen elkaar sinds 2008 en we werkten al veel samen, dus ik vertrouwde hem daar helemaal in. Ondertussen heb ik al muziek beluisterd van iedereen uit de groep en ik kijk er enorm naar uit om me door hen te laten inspireren en me te laven aan hun wijsheid – het is bijna egoïstisch, maar ik hou er heel erg van om te leren van anderen.

Wat dat betreft is het nu al een succes. (lacht luid) We gaan de eerste drie dagen repeteren, maar ik heb de muzikanten ook al uitgeschreven materiaal gestuurd. Er zal zeker improvisatie aan het concert te pas komen, maar er zit ook een gecomponeerd deel in: een vol uur losse improvisatie is niks voor mij.’ 

De titel van het concert is ‘Tides and Time’ en verwijst naar ‘Water Melody’, een gedicht uit 1076, van de dichter Shu Shi uit de Chinese Song-dynastie. 

‘Chinese gedichten zijn bedoeld om gezongen te worden: het Chinese woord voor gedicht is letterlijk hetzelfde woord als ‘lied’. De melodie is onlosmakelijk verbonden aan de woorden. Ik ga dus een paar van mijn favoriete gedichten uit de Song-dynastie (960 tot 1279, sb) gebruiken. ‘Tides and Time’ gaat over het universum en de relatie tussen de aarde en de maan; een thema dat ook dichters uit verschillende dynastieën inspireerde.

Sinds Covid woon ik in een bos, en dacht ik veel na over de natuur: hoe insecten en vogels er al zoveel langer zijn dan de mens, en dat ze er nog zullen zijn lang nadat wij van de planeet verdwenen zijn. En dus ook hoe de maan hier al biljoenen jaren is, en binnen vijf biljoen jaar uiteindelijk zijn baan rond de aarde zal verlaten. Dat is pure wetenschap, maar dat sentiment van nietigheid klonk ook al in die oude Chinese poëzie.

In deze fase van mijn leven besef ik heel hard hoe klein wij zijn, hoe we ons allemaal samen in dat minuscule stipje in de tijd bevinden. Wij zijn een stofdeeltje in de oneindigheid, en toch wil iedereen wereldwijd niet liever dan elkaar te vermoorden. Maar als ik naar de muziek luister die Dijf, Simon en Louise maken, voelt die zo diep, en voel ik een immense verbondenheid. Ik bedoel dus maar: let’s just chill the fuck out.’ (lacht heel luid en verrassend vrolijk)

House of Wu Fei: 'Tides and Time' (première)

Creatie met Dijf Sanders, Simon Segers en Louise van den Heuvel

Aanvang: 20:15 Tickets

Wu Fei, Sarah Yu & Geoffrey Burton: 'Memory & Remembrances' (6+)

Creatie met Chinese kinderliedjes, kalligrafie en dumplings (première)

Aanvang: 11:00 Laatste tickets

Nieuwsbrief

Subscribe

Ontvang algemeen nieuws, een jazzbrief van de programmator of enkel het programma voor kinderen.

Ik schrijf mij in

Door in te schrijven, ga je akkoord met ons privacybeleid.