JEUGDIGE VITALITEIT VOOR ACHT STRIJKERS
Felix Mendelssohn was amper zestien toen hij met het octet voor strijkers één van zijn grootste meesterwerken schreef. Een jaar voor de geniale Sommernachtstraum-ouverture van 1826 liet hij zijn feeën en elfen al fladderen. Met slechts vier violen, twee altviolen en twee cello’s gooit Mendelssohn in het octet de poorten van een beloftevolle symfonische klankwereld wagenwijd open.
De acht strijkers van Oxalys plaatsen dit jeugdwerk naast het octet van de negentienjarige George Enescu. In zijn muziek verzoende de Roemeense componist Duitse laatromantiek, Frans impressionisme en Roemeense folklore met elkaar. Ook dit werk trilt van jeugdige vitaliteit en kondigt al de mature stijl aan van de componist, wiens opera Oedipe onlangs nog met groot succes in De Munt werd uitgevoerd.